Verandermanagement in de zorg

De ideeën en tips van Elsbeth Reitsma over het vorm geven van veranderingen in de gezondheidszorg

Print Friendly

Je zal maar als begin vijftiger ernstig hartfalen hebben. De consequenties zijn groot: van de ene op de andere dag ‘ernstig patiënt’. Zowel het universitaire als het perifere ziekenhuis zijn intensief betrokken bij de behandeling. Er worden echt wel hoogstandjes uitgevoerd; ik zie het in familiekring gebeuren. Wat mij echter verbaast is een grote afwezige: de zorgtechnologie die behulpzaam is om zo goed mogelijk de dag door te komen. Houdt je lichaam te veel vocht vast? Dan krijg je automatisch de melding: pilletje erbij. Heb je de lat te hoog gelegd met het dagelijkse wandelingetje? Er gaat een pieper met de mededeling: verlaag je tempo. Maar niets van dit alles.

Het omslagpunt nog niet bereikt
‘In de zorg zijn we denk ik nu nog niet bij het echte omslagpunt. Maar geef het nog een jaar, en we gaan echt grote veranderingen zien.’ Dit zijn de slotzinnen van een interview met Jeroen Tas in NRC van 11 & 12 juni. Tas is de voorman van de datatak van het deel van Philips dat zich op gezondheidszorg richt. Met verzamelde digitale gegevens zijn ziekten sneller op te sporen, patiënten zijn op afstand in de gaten te houden, diagnoses zijn met behulp van algoritmes automatisch te stellen en zo meer. We hebben overal sensoren en ‘datageneratoren’ die, gewild en ongewild data samen laten komen en geanalyseerd kunnen worden.

Digitale vaardigheidskloof overbruggen
Er kan heel veel. Maar waarom zijn we dan nog niet bij het ‘echte’ omslagpunt, zoals Tas het uitdrukt? Meer zicht daarop heb ik van David Langley gekregen. Langley was een dag onze gast tijdens de C3-heidagen. Met hem hebben we verkend wat zorgtechnologie betekent voor het organiseren van zorgprocessen en ook waarom zorgtechnologie nog niet volledig in het handelen van professionals is geïntegreerd. Langley heeft het over de ‘digitale vaardigheidskloof’. En het duurt enige tijd voordat die kloof is overbrugd. Als voorbeeld: ‘de social media’ zoals we nu Facebook en LinkedIn kennen, zijn als medium al in 1969 uitgevonden. Pas in 1994 zijn social media op de markt geïntroduceerd. Je kunt van marktstabilisatie spreken vanaf 2012. Met andere woorden: van de uitvinding tot het geaccepteerd (en gewaardeerd) gebruik duurde 43 jaar. En volgens Langley wordt dit proces niet versneld door internet.

De S-curves behulpzaam bij timing
De digitale vaardigheidskloof overbruggen is dus lastig. Voor zorgprofessionals, managers en ondersteunende staf is het een kwestie van timing wanneer de stabiele fase ingaat. Dat is de fase waarbij je als zorgorganisatie niet meer om een innovatie heen kunt en patiënten hun keuze voor bijvoorbeeld een zorgverlener laten afhangen van de mogelijkheden en de goede verhalen daarover.

S curves

Zoals de grafiek laat zien zijn er voorafgaand aan de stabiele fase meerdere S-curves die uitdoven. Denk bijvoorbeeld aan Google Glass. Er is ‘ophef’ in de markt maar tot een echte doorbraak is het met de huidige versie (nog) niet gekomen. Toch kan het voor professionals interessant zijn om op hun vakgebied te experimenteren met het gebruik om te ervaren wat wel en wat niet aanslaat.

Drie tips voor timing gebruik zorgtechnologie

1. Houd de ontwikkelingen op het gebied van zorgtechnologie in de gaten.
Weet wat er ‘te koop’ is en hoe zich dat tot jouw zorgverlening verhoudt. Zie bijvoorbeeld het onderstaande fragment met Eric Topol. Hij toont op CBS nieuwe snufjes die patiënten zelfredzamer maken en geeft ook een doorkijkje naar een dominantere rol voor zorgprofessionals in de toekomst: ‘guidance’.

The patient will see you now

Eric Topol over: The patient will see you now

2. Experimenteer met zorgtechnologie (of faciliteer het experimenteren).
Zorgtechnologie heeft zijn ontwikkelgang nodig, zoals het hiervoor genoemde voorbeeld van de social media laat zien. Te vroeg investeren en adapteren heeft een groot risico in zich: het slaat niet aan bij patiënten en zorgprofessionals haken af. Te vroeg gepiekt, dus. Het is raadzamer om met de status van pilot te experimenteren met zorgtechnologie. Dat is een veilige manier om bij te blijven en het gevoel voor zorgtechnologie te ontwikkelen zonder een groot afbreukrisico.

3. Schat in hoe de s-curves zich ontwikkelen: is de stabiele fase in zicht?
Blijf naar de ontwikkeling van de s-curves op het gebied van technologie kijken, die voor de eigen zorgorganisatie interessant kan worden. Is de stabiele fase in zicht? Hoeveel investeren (meerdere!) bedrijven in een technologie? Komen professionals met enthousiasme voor een technologie van een congres terug? Heeft een pilotfase goed uitgepakt? Dan is het tijd om de doorstart te maken!

Ik hoop dat op het gebied van hartfalen de ondersteuning door zorgtechnologie snel een vlucht neemt. Want ik zie in de dagelijkse praktijk dat de kwaliteit van leven daar enorm bij gebaat zal zijn.

   

Laat een reactie achter

Wilt u deze berichten via de email?


Zoeken